Kwalitatief onderwijs met Leerwinst voor elk kind ongeacht op welke leerplek het zich bevindt!

 

Beste Minister Weyts,

De conceptnota voor het decreet Leersteun ligt er.

Op de nuchtere maag kregen ouders van leerlingen in inclusietrajecten al een koude douche, brak hen het angstzweet uit. In het interview op radio 1 viel o.a. de boodschap: “elk kind op de juiste plaats, want het M-decreet is doorgeslagen”. Een krant kopte: “scholen mogen kinderen weigeren, vaak weten ze dat zelfs niet”

“Als we al niet jaar na jaar moeten verantwoorden waarom ons kind in het gewoon onderwijs hoort, dan moeten we nu dat nog meer doen.
Als we al niet jaren moeten vechten om een plaats aan tafel te krijgen,
dan moeten we dit nu nog meer doen.”
(ouder)

De impact op het terrein? Daar ligt men blijkbaar niet van wakker. Ouders wel!
“Hoe gaat dit de directie, de klassenraad hun oordeel beïnvloeden? Verandert dit de motivatie van de leerkrachten van volgend jaar? Zal ik nog aanpassingen durven vragen? Dring ik aan op overleg?” Dat zijn de vragen voor morgen, voor september… of niet?! Reeds nu voelen ouders nog meer druk om te zorgen dat het volgende schooljaar kan slagen.

Wat als dit nieuwe decreet wordt ingevoerd? Hoe kunnen leerlingen met specifieke noden alle kansen krijgen om te leren en te participeren in het gewone onderwijs, op hun eigen tempo en erkend in hun eigenheid? Gaan wij als ouder constant de schrik voelen dat je plots op een overleg hoort dat het hier stopt zonder ons  te consulteren?

In de conceptnota zelf lezen we meer nuance, gelukkig! We zien mogelijkheden, maar ook valkuilen… Als ouders kunnen we versterking van scholen en ondersteunende diensten alleen maar toejuichen, en een sterke brede basiszorg komt ook onze kinderen te goede. Maar… Als de invulling van deze versterking niet concreet wordt gemaakt aan de hand van praktijkkennis uit inclusietrajecten, gelijkwaardige inbreng en ervaringsdeskundigheid van ouders, welk positief verschil mogen wij dan ervaren? Elke stakeholder zijn expertise, volmondig akkoord. Maar ook de expertise van ouders doet er toe!

Aanvaarden van diversiteit

Bij het inschrijven in een nieuwe school, bij overgangsmomenten,… moeten wij als ouder vaak zelf het initiatief nemen om de school alert te maken voor een proactieve aanpak om leerwinst te behouden of te optimaliseren. Veel tijd op een overleg gaat reeds naar de discussie over ‘de juiste plaats’. Weinig partners leggen de focus op HOE gaan we samen inclusie waarmaken.  We moeten zover komen dat een school niet in angst of weerstand schiet als wij ons kind willen inschrijven en afhankelijk zijn van de goodwill. Wij willen als ouder niet het gevoel hebben dat het traject ieder jaar kan stoppen.

Als elke school en elke leraar kan aanvaarden dat iedereen anders is en anders leert en daarin gesteund wordt door de overheid dan kan het decreet Leersteun werken.

Inclusiegerichte ondersteuning uit leersteuncentra

In het vormen van leersteuncentra, hopen we dat de essentie niet verloren zal gaan: onze kinderen en hun leerkrachten willen op ondersteuning rekenen.

De ondersteuning levert op als ze gericht is op participatie. Ons kind wil betrokken zijn bij het geheel. Leren, uitgedaagd worden, vrienden voor het leven maken. Het gedachtegoed dat iedereen erbij kan horen is een sociale leerwinst zonder een of ander ‘fancy’ project, maar wordt bekomen door SAMEN te leven en leren. We geven u volgende anekdote mee: de klas van Dries is rumoerig en leerkrachten hebben soms moeite om de klas stil te krijgen. Maar als Dries ‘sjuuuut’ roept dan letten ze terug op. Dat is wisselwerking, dat is rekening houden met elkaar. Zo werken we sociaalvoelendheid in de hand.  Deze waarden nemen klasgenoten mee naar alle domeinen van het leven (het jeugdhuis, sportvereniging, jeugdbeweging of het gezin) en naar de keuzes die zij in hun latere leven maken.  Mag het kind hier ook een stem in hebben? De kinderen zelf vragen niet om anders behandeld te worden, zij willen er gewoon bijhoren. Op een school in de buurt die hen alle kansen geeft. Met leerkrachten die het onderste uit de kan durven en willen halen en vrienden die hen steunen.

Er is in inclusietrajecten nood aan meer ondersteuning. Dit is de verantwoordelijkheid van de maatschappij en de overheid om er voor te zorgen dat alle leertrajecten leerwinst ‘kunnen’ opleveren. Inclusief onderwijs wordt altijd weggezet als irreëel terwijl het net een verrijking kan zijn. De aanpassingen zijn vaak een surplus voor andere kinderen. De plaats waar die ondersteuning plaatsvindt is het beste daar waar ook andere kinderen mee kunnen profiteren. Zo breng je ondersteuning binnen voor een ganse klas en niet voor één enkel kind.

Als ouder willen we inbreng hebben in het vormgeven en bijsturen van ondersteuning. Wij kunnen aanleveren wat (niet) werkt, wij willen de brug tussen thuis en school bouwen. Onze kinderen ondersteunen in hun ontplooiing is een verantwoordelijkheid die we delen met school, ondersteuners en andere partners. We stemmen af met therapeuten, ondersteuners, leerkrachten en dit maakt dat de leerwinst veel meer opbrengt, omdat oefenen gebeurt in veel situaties.

Er is nood aan continuïteit en expertise van ondersteuning. Een ondersteuner die ons kind kent, inspeelt op noden én de interesses! Iemand die overgangen gemakkelijker maakt, die proactief werkt, die de samenwerking doet draaien . Als de ondersteuner voldoende aanwezig is in eenzelfde school én individueel met het kind en leerkracht aan de slag kan gaan dan kan het Decreet Leersteun werken. Het persoonlijk contact van kind met ondersteuner en van daaruit de coaching  naar de leraren is essentieel. Er is nood aan een ondersteuning die ook de expertise van de ouders erkent en die meer wil doen dan buitengewoon binnen te brengen in gewoon onderwijs.

Als er inclusiegerichte ondersteuning komt dan kan het decreet Leersteun werken.

Positie van ouders ondersteunen

Willen wij de plak zwaaien op school? Neen, maar wij zijn wel de eerste partner.. Dit maakt ons tot  de ervaringsdeskundigen van ons kind, die dag in dag uit meegroeien met wie ons kind is en wat het nodig heeft. De basiskennis zit bij ons omdat wij alle dagen er voor ons kind staan, 24 uur op 24 uur.

We zoeken partners in het traject van ons kind: een leerkracht die groeigericht denkt, een CLB-medewerker die ons opzoekt, een zorgco die actief mee opvolgt hoe hindernissen kunnen verlaagd worden, zowel voor leerling als leraar en zodoende het leercomfort verhoogt en de voldoening van de leraar opdrijft, met oog voor kwaliteit.

Op momenten dat het moeilijk gaat, als we ergens tegenaan lopen, als we onze zorgen willen delen, zoeken we een onafhankelijk aanspreekpunt dat kan vertalen wat er leeft in het kind en suggesties kan aanbrengen welke het comfort verhogen voor eenieder.

Als die veilige haven werkelijkheid wordt dan kan het decreet Leersteun werken.

Onze kijk op het leven, onze keuze

Inclusie gaat niet over de juiste plaats, het gaat over het bieden van een veilige en warme leeromgeving waarin eenieder het recht heeft om te proberen, te vallen en weer op te staan, de ruimte krijgt om zichzelf te leren accepteren, waar cognitieve en sociale vaardigheden op gelijke hoogte staan, waar de focus op verbinding ligt en waar ruimte is voor gevoelens.
Wij als ouders kiezen voor inclusie omdat een merkbare positieve invloed heeft op de ontwikkeling van ons kind en het spreekt voor zich dat dit het ‘leren’ ten goede komt.

Als de overheid elkeen de kans geeft om naar de school te gaan waar hij/zij graag wil gaan om welke reden dan ook en wat daarvoor nodig is ook daadwerkelijk ondersteunt (zodat scholen en leerkrachten zich gedragen voelen) dan kan het Leersteundecreet werken.

Onze keuze gaat over onze kinderen een plek geven in de maatschappij, waar iedereen in al zijn diversiteit thuis hoort. Het spreekt voor zich dat wij ons dan ook aangesproken voelden na alle uitspraken die de voorbije dagen de wereld werden ingestuurd.

Wat zou u immers doen, als u aan kant zou worden gezet als het gaat om uw eigen kinderen?

 

Namens Ouders voor Inclusie