Impulsen voor inclusie: Lara geeft les in de tekenacademie

Net zoals muziekles voor mensen met een beperking vaak wordt herleid tot muziektherapie, wordt ook tekenacademie vaak niet voor mogelijk gehouden. Er worden knutselactiviteiten georganiseerd om de mensen met een beperking zinvol bezig te houden. Hierin blijft de uitdaging echter vaak beperkt.

We gingen in gesprek met Lara Breine, begeleidster van het impulsatelier in Dé academie in Ieper. 


Impulsatelier?

Lara werkt ondertussen al drie jaar in de kunstacademie als begeleidster van het impulsatelier. Officieel valt het onder schilderkunst, maar eigenlijk doen ze er veel meer. Het atelier is bedoeld voor mensen met een beperking, zowel fysiek als verstandelijk. Initieel was het de bedoeling om er een inclusief atelier van te maken met zowel mensen met als mensen zonder beperking. Mensen zonder beperking waren hierin echter niet geïnteresseerd en volgden liever de andere lessen. Daardoor is het atelier nu uitsluitend op mensen met een beperking gericht. Toch zet Lara allerlei initiatieven op poten om haar kunstenaars meer bij de academie te betrekken.

Hoe ziet zo’n les van het impulsatelier eruit en waar ligt het verschil met de andere lessen binnen de academie?

Ik ben een beetje het buitenbeentje van de academie want ik heb niet echt een leerplan of vaste opdrachten voor mijn leerlingen. Ik heb ook wel doelstellingen waar ik naar streef ,maar er ligt niets echt vast. Ik werk vooral heel individueel. Dat zorgt soms wel voor een beetje chaos, aangezien ik als enige leerkracht voor 16 leerlingen sta, maar de leerlingen die hier al enkele jaren komen kennen het hier ondertussen en kunnen wel al zelfstandig beginnen.

Wanneer er nieuwe leerlingen toekomen laat ik hen altijd eerst tekenen of knutselen wat ze zelf willen. Dan observeer ik de persoon en kijk ik waarin hij geïnteresseerd is. Ik vind het ook heel belangrijk om een vertrouwensband met mijn leerlingen op te bouwen. Als deze band er is dan kan ik geleidelijk aan proberen deze persoon uit te dagen. Ik ben niet de leerkracht die gaat zeggen hoe ze iets moeten tekenen. Ik laat hen binnen hun eigen stijl uitproberen en zeg nooit dat er iets fout is of dat ze het anders moeten doen. Ik verwacht wel resultaat, het is zeker geen bezigheidstherapie maar iedereen mag wel werken op zijn eigen tempo.

Op welke manier probeer je je leerlingen toch in de academie te betrekken?

Een eerste manier is de jaarlijkse tentoonstelling in de academie. Ook wij krijgen hierin een plaatsje. Ik moet hier wel voor strijden, want we worden soms al eens vergeten. Hoewel iedereen veel appreciatie toont voor het atelier en de mensen ook veel positieve reacties geven op de werken van mijn leerlingen, zit de inclusiegedachte er nog niet helemaal in. Daarnaast zijn we vorig jaar voor het eerst meegegaan met de uitstap van de eerste graad. Ook volgt één van mijn leerlingen nog een andere les in de academie. Hij zit op zaterdag bij de volwassenen schilderkunst. Dit is dus ook zeker mogelijk. Hij is wel communicatief vrij sterk en voor hem was die stap dus niet zo groot. Soms vraag ik aan mijn collega hoe hij het doet, want ik moedig hem echt aan en zij vindt ook dat dat wel vlot verloopt. Personen met een beperking hoeven dus niet altijd in mijn atelier terecht te komen, ze kunnen indien dit mogelijk is ook mee de gewone lessen volgen.

Naast deze zaken probeer ik ook vooral de bekendheid rond het impulsatelier en mijn kunstenaars te vergroten. Zo organiseer ik samen met vzw Vondels, een voorziening waar verschillende leerlingen verblijven, een veiling. Hier worden de werken van mijn leerlingen verkocht. De kopers weten op voorhand niet welke werken van een persoon met een beperking zijn. Dit is een groot succes want mijn leerlingen slagen er toch maar in om hun kunstwerken voor vrij grote bedragen te verkopen. Verder worden de werken van mijn leerlingen ook tentoongesteld in musea, zoals het Dr. Guislain museum in Gent of gebruikt voor projecten. Deze zaken promoot ik dan verder in onze academie door bijvoorbeeld foto’s op Facebook te laten plaatsen. Ik vind dit echt belangrijk omdat de werken van mijn leerlingen anderen wel echt kunnen inspireren. De puurheid en directheid die bij mijn leerlingen van nature in hun werken zit is iets waar veel kunstenaar naar streven.

Als je andere organisaties die met mensen met een beperking willen werken een tip mag geven, wat zou deze dan zijn?

Ik vind het wel belangrijk dat je de mensen met een beperking op dezelfde manier behandelt als mensen zonder beperking. Uiteraard stem ik ook mijn manier van communiceren af op de persoon die voor mij zit, maar je mag ze echt niet gaan betuttelen. Ik praat en lach met hen net zoals ik met anderen zou doen. Dat vind ik de mooiste manier om met hen samen te werken. Je ziet dat zij dat ook enorm appreciëren. Ik zie mijn leerlingen niet als hun beperking maar als de persoon die zij zijn.


Het interview met Lara kwam tot stand dankzij Astrid Deryck, studente aan Odisee Hogeschool.

Lees het verhaal van Matteo, een leerling in het impulsatelier, hier.